Van Aeres MBO Leeuwarden naar Nieuw-Zeeland: Alle en Arjen nemen hun vak mee de wereld over

Date

Na het afronden van de opleiding Opzichter/Uitvoerder Groene Ruimte besloten Alle en Arjen hun grote droom waar te maken: reizen en zo ver mogelijk van huis gaan. Nieuw-Zeeland bleek letterlijk het verste punt. Met hun backpacks vertrokken ze naar Lyttelton, waar ze vier maanden lang werken en reizen combineerden. Het avontuur gaf hun een nieuw perspectief op hoeveel vaardigheden ze eigenlijk al in huis hebben binnen het groene vak.

Werken op het Zuidereiland, reizen door het Noordereiland

De eerste drie maanden werkten Alle en Arjen op het Zuidereiland bij een klein hoveniersbedrijf: een eenmanszaak. Hun werkzaamheden waren veelzijdig en omvatten alles wat bij tuinaanleg komt kijken. Van grondwerk en straatwerk tot het aanleggen van houten buitenvloeren en het plaatsen van schuttingen. Via een backpackersorganisatie kwamen ze bij deze werkgever terecht.

Ze kozen er bewust voor om werken en reizen af te wisselen: een paar weken werken, gevolgd door een week reizen. Eerder reisden Alle en Arjen al samen naar Zweden voor een stage bij een natuurcamping. Als goede vrienden weten ze wat ze aan elkaar hebben, wat de samenwerking extra prettig maakte.

Die samenwerking beviel ook hun werkgever uitstekend. Hij was flexibel en dacht actief mee in de planning. “Onze leidinggevende heeft zelf veel gereisd en begrijpt dat je hier niet alleen komt om te werken, maar ook om het land te ontdekken. Soms staan we de hele dag te scheppen en doen we gewoon wat er gevraagd wordt, zonder te klagen. Dat waardeert hij enorm; we krijgen vaak een ‘good job’,” vertellen ze.

Alle en Arjen aan het werk in Nieuw-Zeeland

Volgens Alle en Arjen was het voor hun werkgever bovendien een mooie vorm van kennisdeling en afwisseling om met twee Nederlandse vakmensen te werken.

Rond kerst stopten ze met werken en begonnen ze aan een rondreis over het Noordereiland. Arjen blijft nog wat langer in Nieuw-Zeeland en wil opnieuw aan de slag bij hetzelfde hoveniersbedrijf. Alle keert eerder terug naar Nederland.

Reizen en werken afwisselen in Nieuw-Zeeland

Duurzaam werken in het groen, wereldwijd herkenbaar

Wat Alle en Arjen direct opvalt, is hoe vergelijkbaar het hoveniersvak in Nieuw-Zeeland is met dat in Nederland. Net als hier is er veel aandacht voor duurzaamheid, biodiversiteit en het gebruik van inheemse planten.

“Het niveau ligt verrassend dicht bij dat van Nederland,” vertellen ze. “Het grootste verschil zit in de ruimte en de materialen. Hier wordt veel met hout gewerkt en minder met steen of beton.”

Bij het bedrijf waar ze werkten lag de focus sterk op kwaliteit: goed grondwerk als basis voor duurzame tuinen die jarenlang meegaan. Geen snelle oplossingen, maar doordachte aanleg. Precies die manier van werken herkennen ze uit hun opleiding.

Duurzame tuinaanleg met aandacht voor kwaliteit

Wat je bij Aeres leert, neem je overal mee

Hoewel ze duizenden kilometers van Leeuwarden verwijderd zijn, merken Alle en Arjen dagelijks hoe belangrijk hun opleiding bij Aeres is geweest. Niet alleen de technische kennis, maar vooral hun werkhouding en communicatieve vaardigheden maken het verschil.

“De interesse in het groen is ons altijd bijgebleven. Ter nagedachtenis aan ons oud-docent Durk Fokkens: Hij heeft ons enorm geïnspireerd binnen het vak. Hij bracht niet alleen kennis over, maar ook enthousiasme. Dat zorgde ervoor dat we leergierig en nieuwsgierig bleven. Die nieuwsgierigheid en oprechte interesse heb je nodig in dit ambacht om er plezier in te houden.”

Ook zaken als netjes werken, logisch nadenken en goed overleggen met collega’s en klanten blijken essentieel.

“Assertief zijn en je werkbaar opstellen klinkt vanzelfsprekend, maar dat wordt hier écht gewaardeerd.”

Praktische onderdelen uit de opleiding komen eveneens terug in hun werk, zoals het werken met kleine machines, trilplaten en kettingzagen. Daarnaast blijkt kennis over compost en bodemverbeteraars direct toepasbaar.

Vaardigheden uit de opleiding direct toepasbaar in de praktijk

“Alles netjes achterlaten, machines en materialen correct opslaan en werken volgens een plan. Dat zijn dingen die we tijdens de opleiding hebben geleerd. Net als goed communiceren en leergierig blijven.”

Engels en bodemkennis: belangrijker dan gedacht

Tegelijkertijd leerden ze ook nieuwe dingen. Het ‘ABN-Engels’, met name de vaktaal, blijkt in de praktijk anders dan in de schoolbanken.

“Je spreekt de taal wel, maar vaktermen zijn soms net anders. Ook het accent kan zwaar zijn. Dan is het fijn dat je op school al een goede basis hebt gelegd.”

Een ander belangrijk inzicht is het belang van bodemkunde.

“Alles begint bij de bodem. Als die niet goed is, krijg je waterproblemen, verzakkingen of slecht groeiende beplanting. Dat besef je pas echt als je er dagelijks buiten mee werkt.”

Bodem en omgeving in Nieuw-Zeeland

Verschillende routes, dezelfde basis

Na terugkomst in Nederland rondt Arjen zijn Associate degree Terrein- en Landschapsinrichting af aan Hogeschool Van Hall Larenstein in Arnhem. Alle heeft zijn Associate degree al behaald en kiest voorlopig voor verder reizen: Zuid-Amerika (Chili, Argentinië en Antarctica), gevolgd door Australië en Azië. Dit keer puur om te ontdekken, niet om te werken. “Work hard, play harder,” zoals ze in Nieuw-Zeeland zeggen.

Wat ze delen, is de overtuiging dat hun opleiding bij Aeres hen een stevige basis heeft gegeven.

“Je ziet: zo kan het ook. Maar vooral: wat wij bij Aeres hebben geleerd, kunnen we overal toepassen.”

Hun advies aan studenten is dan ook helder: ontdek wat je leuk vindt en onderzoek waar jij energie van krijgt.

“En misschien is het dan ook een idee om eens naar het buitenland te kijken. Het is een breed vak. Je kunt ermee werken waar je maar wilt. Zelfs aan de andere kant van de wereld!”